‘Ik mot ook dood’

Vandaag is het een hete dag. Ik loop de deur uit naar buiten. De hitte slaat me flink in het gezicht. Mijn trouwe viervoeter slentert achter me aan, de warmte overvalt ook Elsa want ze sukkelt meer dan ooit. Haar zwarte vacht is in de felle zon een ondraaglijke last, en samen eisen we de schaarse schaduw op.
Op de hoek van de straat houdt een vrouw ons staande. Ze staat op afgetrapte pantoffels en draagt een tot op de draad versleten winterjas. Ze stinkt zodanig dat ik er misselijk van word.
‘Hou oued is-tie hond?’
‘Ze is elf,’ zeg ik trots.
‘Elf maande.’
‘Nee mevrouw, zo jong ziet ze d’r toch niet meer uit, wel!’
‘Is ’t een wijffie? Ik hed ook ’n hondje’, maar nou is-ie dood. Ik mot ook dood,’ klaagt ze en strompelt door.

Halverwege de jaren tachtig kwam ik in de Amsterdamse Transvaalbuurt wonen. De buurt zat vol met markante figuren waarover geschreven kon worden…
Dit is het zevende stukje van een serie dat ik destijds optekende.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s