Ochtendgymnastiekende hond

Onalledaags

Illustratie: Judith Lammers

De zon hangt laag, ze komt net boven de daken aan de Oosterparkstraat uit. Frêle mist hangt boven het grote veld waarop een groep meeuwen dribbelend op zoek is naar regenwormen.
Roos sjeest plots van me weg, in de verte huppelt een konijn, het witte staartje hipt vrolijk met elke beweging mee. Dwars door de struiken gaat het nu. Het lijf van Roos komt in sprongen boven het struikgewas uit: ochtendgymnastiek in het Oosterpark. Na een paar daagjes haar vriendje – een konijnenjager pur sang – als logeetje te hebben gehad, is het van god los met die meid van me. Ondertussen zit het konijn hoog en droog in zijn hol, maar dat heeft Roos nog niet door, de geur zit flink in haar neus. Maar ze heeft nog nooit een konijn in de kraag gevat.
‘Is dat uw hond die daar door de struiken rent?’ vraagt een handhaver die me met zijn auto tegemoet is komen rijden.
‘Nee, ik weet niet van wie die hond is?’ zeg ik met een onschuldig gezicht. Ik zit niet te wachten op een bekeuring van honderd euro voor een onschuldig ochtendgymnastiekende hond.
De handhaver kijkt me met ongeloof vanachter zijn stuur aan. Zijn stropdas zit wat slordig geknoopt, zijn pet een beetje scheef op zijn hoofd, en onder die pet zitten grijze haren. Triest eigenlijk, wanneer je op die leeftijd dagelijks nog dit soort werk doet. De godganselijke dag in een autootje rondtuffen, en alleen maar bezig zijn je medemens een vervelende dag te bezorgen, en honderd euro uit zijn of haar portemonnee te troggelen omdat er een hond niet is aangelijnd.
‘De volgende keer zal ik u op heterdaad betrappen. Ik hou u in de gaten, want volgens mij heb ik u al vaker met die hond zien lopen,’ zegt hij beslist.
Ik loop maar door, want ik heb geen zin in dit soort flauwe kul, en zeker niet op de vroege ochtend.
Even later lopen Roos en ik weer keurig samen. Roos nog een beetje verwilderd, maar wederom aan voet, zoals ze altijd met me loopt als er geen konijnen in de buurt rondsjouwen.
Een eind verderop zie ik een man moeizaam voortbewegen. Hij sjort een groot zwart voorwerp aan een lijn met zich mee. Waar loopt die man in godsnaam mee? Het lijkt wel een pluche speelgoedbeest.
Twee jongens komen de man tegemoet lopen. Nadrukkelijk kijken ze naar het gevaarte dat hij voortsleept. De man stopt en kijkt fluitend naar de strakblauwe lucht. De twee halen hun schouders op en lopen door. Opnieuw sleurt hij het gevaarte met zich mee.
Nu zie ik pas dat het een jonge bouvier is die zijn vier poten stram houdt. Roos slaat aan. Haar blaf galmt door het Oosterpark.
‘Wat is ’r met uw hond?’ vraag ik.
‘Hij verdomt ’t om te lopen.’
Zelfs voor een wild blaffende Roos komt het beest niet in beweging.
De man kijkt me schaapachtig aan. ‘Ik weet ’t ook niet. Ik denk dat ik ’m maar ga terugbrengen. ’k Heb duidelijk ’n kat in de zak gekocht…’
‘Misschien moet u met hem naar een hondenpsychiater?’
‘Heb je die ook al tegenwoordig? Wat ze toch niet allemaal voor gekkigheid verzinnen…’
Ik geef de man wat adviezen, maar ze helpen niet veel: we krijgen z’n hond niet aan de praat.
‘Ik geloof wel dat uw hond zo’n zielenknijper kan gebruiken.’
Hij kijkt me verbolgen aan. Dit was weer een verkeerde opmerking van me.
Ik neem afscheid, en wens hem veel succes met z’n hond die niet wil lopen.

Verschenen in ‘Dwars door de Buurt’, nummer 193, 19 mei 2017
en Oost-online.

2 gedachtes over “Ochtendgymnastiekende hond

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s