In memoriam: Bruin

Bruin

 

 

 

 

 

 

 

 

Op een mooie nazomerse middag in 2010 lopen Roos en ik het Oosterpark
in. Roos nog geen drie jaar oud huppelt en stuitert voor me uit. Dan plots
een sprint naar het middenveld, achter een hond aan die we niet eerder
hebben gezien. Hij is lichtbruin, en lijkt op een Vizsla. Samen sjezen ze
flink rond en hebben jolijt voor tien.
Op een bankje grenzend aan het veld zit een lange, blonde vrouw die met
veel plezier het rennende stel gadeslaat.
Al snel raak ik met haar aan de praat, over de honden natuurlijk. Ze heet
Merel, en haar grote liefde heet simpelweg: Bruin, of Bruintje en voor de
chique: Meneer de Bruin.
We keuvelen nog wat met elkaar, over het zo maar aanlopen van Bruin
bij haar op Bonaire, en nemen dan afscheid.
Het is een ontmoeting die Roos en ik absoluut niet dagelijks hebben, het
is zo eentje die blijft hangen. Niet alleen klikt het tussen Roos en Bruin: zij
worden hartsvriend en -vriendin. En dat zegt heel veel over de galante
manieren van Meneer de Bruin, want er is geen andere man waarmee Roos
het goed kan vinden. De meeste mannen hapt ze van zich af omdat ze te
hitsig zijn, en daar moet Roos niets van hebben. Bruin blijft daarentegen
zeer galant, zelfs als ze loops is en Bruin ons huis voor een logeerpartij
binnenkomt. Bescheiden ruikt hij even aan haar, maar laat haar verder met
rust. Ze kussen wat, stoeien wat, maar verder geen gedoe…
Maar niet alleen tussen Bruin en Roos klikt het meteen, ook tussen Merel
en mij. We bouwen een zeer goeie vriendschap op. Ook in de tijd dat ze
met Bruintje op Bonaire zit.
In de afgelopen 5,5 jaar heb ik heel veel samen met Merel, maar ook heel
veel alleen met Roos en Bruin gelopen. Wanneer Merel intensief moest
werken aan een montage, een workshop had, ze les gaf, naar Monica in
Italië was, of wanneer ze ziek was.
De band die ik met Bruin had, werd ook steeds intensiever. Ik leerde hem
goed kennen, en hij mij. ‘Pappa Bruin,’ noemde Merel me, en zo voelde
dat ook! Van elke wandeling met Bruintje heb ik genoten, van het scheuren
over de velden en de paardenpaden: hij begon meestal en Roos erachteraan.
En met stokken gooien, als Roos de stok had dan kwam-ie naar d’r toe,
Roos liet altijd direct los en dan sjeesde hij ermee vandoor, wat Roos altijd
goed vond. Die twee hadden zo’n ongelooflijk goeie verstandhouding met
elkaar. Dat was ontzettend fijn te zien.
Bruin had ook vaak van die vervelende reuen aan z’n kont hangen. Zo
maf, die geile reuen hadden geen enkele interesse in die mooie teef van me,
nee ze wilden alleen maar Bruin berijden. Eén keertje was er weer zo’n
vervelende die voor Roos echt te ver ging: Roos dook eropaf, beet ’m in
z’n zij en die eikel droop met hangende pootjes af. Als beloning kreeg ze
een flinke lik van Bruin en beiden vlogen in volle vaart weer achter elkaar
aan.
En hoe hij altijd z’n koppie schreef hield wanneer je met hem praatte, zo
schattig en vertederend. Hij luisterde dan ook écht naar je, en probeerde je
te begrijpen.
Hij was ook altijd happy. Elke keer zo blij om me te zien: al was ik maar
een kwartiertje weg om boodschappen te doen, en hij en Roos alleen
thuisbleven. Of na 1,5 jaar wanneer-ie terugkwam van Bonaire.
En wat hebben die twee achter de konijnen aan gejaagd: de rem was er
dan ook écht vanaf… en dan ’s avonds geen boe of bah meer zeggen. Te
moe om nog uit die mand te klauteren.
En avonturen heb ik ook met hem beleefd: ergens in de bossen van
Maarsbergen, een lange wandeling en aan het einde ineens een veld met
schapen. Bruin had ze eerder gespot, zijn neus snoof als de beste. Weg
was-ie, sprong als een volleerde hoogspringer over twee hekken en had al
snel een schaap bij z’n achterpoot beet. Moeizaam klauterde ik over de
hekken en rende op ’m af. Hij bleef gewoon staan terwijl het schaap
verwoede pogingen deed zich los te wurmen. Het was net alsof hij het
schaap voor mij vasthield totdat ik eraan kwam. Zo van, kijk baas dit heb ik
voor jou gevangen als dank voor de toffe vriendschap die we hebben… Ik
kon hem zo bij z’n halsband vastpakken en aanlijnen, hij rende niet van me
weg, en toen ik hem zeer vermanend toeriep, liet hij direct het schaap los.
Die rende weg naar z’n soortgenoten die op afstand het tafereel trillend
bekeken. Het schaap was ongedeerd, ook Bruin had geen bloed aan z’n
kaken. Ik was erg blij, want met Roos had ik dit weleens anders
meegemaakt!
Nog steeds blijft het onwerkelijk Bruin, dat je er niet meer bent. Ik mis je
man! Het ga je goed Bruintje daarboven. We hebben samen heel veel
plezier gehad, en je blijft in mijn herinnering de o zo happy dog! God
speed Bruin.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s